Richtlijn
Ascites
Medicatie
spironolacton
Verwerking
Combineer spironolacton bij onvoldoende effect (minder dan 2 kg/week) met furosemide of bumetanide.
Overweeg bij diureticagebruik om elektrolyten en nierfunctie te controleren. Stop/onderbreek diuretica bij een serum Na 6 mmol/l.
Dosering
1x per dag 100 mg; hoog zo nodig op in stappen van 100 mg per drie dagen tot een maximale dosis van 1dd 400 mg op. Geef de dagdosering dan in twee giften per dag.
Streef naar een maximale gewichtsvermindering van 0,5 kg/dag (zonder oedemen) of 1 kg/dag (in aanwezigheid van perifeer oedeem). Verlaag de dosering van de diuretica bij sterkere gewichtsdalingen.
Bijwerkingen
Bij meer dan 10% van de patiënten: hoofdpijn, slechte spijsvertering, diarree, hyperkaliëmie, vermoeidheid en slaperigheid; bij mannen: libidovermindering, erectiestoornissen, potentiestoornissen en gynaecomastie; bij vrouwen: stoornissen aan de borsten, pijnlijke borsten, menstruatiestoornissen en stemverlaging (vaak niet reversibel), zie ook B.
Bij 1-10%: zwakheid, lethargie bij patiënten met levercirrose, paresthesie, malaise, misselijkheid, braken, hyponatriëmie, verandering in vaginale afscheiding, amenorroe en postmenopauzale bloedingen.
Bij minder dan 1%: ataxie, duizeligheid, stijging van de serumcreatinineconcentratie, huiduitslag, urticaria, erytheem, jeuk, exantheem, chloasma, spierkrampen, acidose bij patiënten met leverproblemen en verwardheid.
Interacties
De werking van mitotaan kan worden geblokkeerd.
Spironolacton en androgenen kunnen elkaars werking tegengaan.
Hyperkaliëmie: combinatie van een kaliumsparend diureticum en een kaliumzout dient bij voorkeur te worden vermeden, omdat hyperkaliëmie kan optreden; als dit niet mogelijk is, dient de kaliumconcentratie te worden gecontroleerd. Bij combinatie van een kaliumsparend diureticum met een RAAS-remmer, trimethoprim of co-trimoxazol kan hyperkaliëmie optreden; de kaliumconcentratie dient te worden gecontroleerd.