Richtlijn
Pijn bij patiënten met kanker
Medicatie
pregabaline
Verwerking
Bij het kiezen van het voor de patiënt waarschijnlijk optimale middel wordt rekening gehouden met het gehele pakket: aard en ernst van de pijn, bijwerkingenprofiel, comedicatie en het risico op geneesmiddeleninteracties.
Dosering
Als co-analgeticum bij niet-chemotherapie geïnduceerde neuropathische pijn, bij chemotherapiegeinduceerde pijn of botpijnen door metastasen
start met 150 mg in 2-3 doses, zo nodig verhogen naar max 600 mg dag in 2-3 doses.
*Bij ouderen: start met 1x per dag 75 mg. Verhoog dit elke week met 75 mg per dag tot een onderhoudsdosering van 2x per dag 75 tot 150 mg.
*Nierfunctiestoornissen: pas de dosering van gabapentine en pregabaline aan als de nierfunctie is verminderd:
Bij een eGFR tussen de 30 en 59 ml/min: reduceer de dosering met 50% (startdosering 75 mg/dag, max 300 mg/dag in 2 of 3 doses).
Bij een eGFR tussen de 15 en 29 ml/min: reduceer de dosering met 75% (startdosering 25-50 mg/dag, max 150 mg/dag in 1 of 2 doses)
Bij een eGFR lager dan 15 ml/min: startdosering 25 mg/dag, max 2-3 x 25 mg per dag. Zie tabel 2 ‘Adviezen per stadium van chronische nierschade’.
De behandeling van neuropathische pijn bij kanker dient patient-tailored te zijn. Het blijft een kwestie van trial en error en nauwkeurige monitoring.
Bijwerkingen
>10% van de patiënten: hoofdpijn, slaperigheid en duizeligheid.
1-10%: obstipatie, abdominale distensie, diarree, misselijkheid, braken, flatulentie, droge mond, toegenomen eetlust, vermoeidheid, euforie, verwardheid, irritatie, slapeloosheid, sedatie, vertigo, ataxie, coördinatie-, evenwichts-, concentratie-, geheugen- en spraakstoornissen, desoriëntatie, amnesie, hypo-esthesie, lethargie, tremor, paresthesie, spierkramp, rugpijn, pijn in de ledematen, gewrichtspijn, cervicaal spasme, erectiestoornissen, verminderd libido, nasofaryngitis, wazig zien, dubbelzien, (perifeer) oedeem en gewichtstoename.
<1%: gastro-oesofageale reflux, speekselvloed, orale hypo-esthesie, gebrek aan eetlust, posturale duizeligheid, depersonalisatie, rusteloosheid, depressie, geestelijke stoornissen, agitatie, agressie, moeilijk op woorden kunnen komen, opgewekte stemming, stemmingsschommelingen, hallucinaties, abnormaal dromen, paniekaanvallen, apathie, cognitieve functiestoornissen, nystagmus, hyperacusis, pijn, hyperesthesie, brandend gevoel, smaakverlies, malaise, psychomotorische hyperactiviteit, myoklonieën, hyporeflexie, dyskinesie, tremor die toeneemt bij het bewust naar iets grijpen (intentietremor), stupor, syncope, eerstegraads AV-block, hypotensie, hypertensie, tachycardie, sinusbradycardie, beklemd gevoel op de borst, blozen, opvliegers, perifere kou, koude rillingen, dyspneu, droge neus, neusbloeding, verstopte neus, rinitis, hoesten, snurken, toegenomen libido, anorgasmie, vertraagde ejaculatie, seksuele disfunctie, urine-incontinentie, dysurie, spierpijn, spierstijfheid, asthenie, gezwollen gewrichten, nekpijn, dysmenorroe, borstpijn, droge ogen, verhoogde traansecretie, oogzwelling, oogpijn, oogirritatie, snelle vermoeidheid bij het kijken die gepaard gaat met onaangename gewaarwordingen als pijn in de ogen, gezichtsvelddefecten, perifeer gezichtsverlies, (tijdelijk) verminderde gezichtsscherpte, fotopsie, hypoglykemie, hyperglykemie, bewustzijnsverlies, neutropenie, stijging van CK-waarden, verlaging van de kaliumconcentratie, gewichtsafname, verminderd aantal trombocyten, stijging van transaminasewaarden, stijging van de creatinineconcentratie, koorts, overgevoeligheidsreacties, papuleuze huiduitslag, urticaria, overmatig zweten, jeuk en oedeem in het gezicht.
Interacties
In combinatie met centraal-depressieve middelen, zoals opioïden, zijn ademhalingsstilstand en coma gemeld (soms fataal).